CBChristelijke
Begrippen

Begrip uitgelegd

Drie-eenheid

Kort gezegd: De leer dat God één is en wordt beleden als Vader, Zoon en heilige Geest.

Betekenis

De term zelf staat niet in de Bijbel, maar vat Bijbelse taal over Vader, Zoon en Geest samen binnen het geloof in één God.

Herkomst van het woord

Het Latijnse trinitas werd omstreeks 200 gangbaar door Tertullianus, die ook de begrippen persona en substantia in het theologische spraakgebruik bracht. In het Grieks had Theofilus van Antiochië kort daarvoor al het woord trias gebruikt. Drie-eenheid is daarmee een vertaalde vakterm en geen bijbelcitaat.

Bijbelse en historische context

De klassieke formulering groeide in het gesprek met Arius, die de Zoon als hoogste schepsel beschouwde; het concilie van Nicea in 325 sprak daartegenover van wezensgelijkheid met de Vader. Het concilie van Constantinopel in 381 breidde de belijdenis uit met een uitgewerkte paragraaf over de heilige Geest. Bijbelse aanknopingspunten zijn onder meer de doopopdracht in Matteüs 28 en de zegenbede aan het slot van 2 Korintiërs.

Context en verschillen

De klassieke formulering kreeg gestalte in de concilies van Nicea en Constantinopel. Analogieën schieten vaak tekort.

De leer wijst twee uitersten af: drie goden naast elkaar, en één God die louter drie verschijningsvormen aanneemt, een opvatting die als modalisme of sabellianisme bekendstaat. De klassieke taal spreekt van één wezen en drie personen, waarbij persoon niet het moderne individu bedoelt. Tussen Oost en West blijft bovendien het filioque omstreden, de toevoeging dat de Geest ook van de Zoon uitgaat.

Veelvoorkomend misverstand

Vaak wordt beweerd dat de drie-eenheid in 325 te Nicea is uitgevonden en daarna opgelegd. Nicea besprak echter de verhouding tussen Vader en Zoon en liet de Geest vrijwel onbesproken; die stap volgde pas in 381, en beide concilies bouwden voort op doop- en gebedspraktijken die al veel langer trinitarisch waren.

Zorgvuldig gebruik

De drieslag klinkt bij elke doopbediening, in de zegen aan het eind van de dienst en in de lofprijzing ‘Eer aan de Vader en de Zoon en de heilige Geest’. De zondag na Pinksteren heet in de westerse kalender Trinitatis. De trinitarische belijdenis vormt tevens de toelatingsbasis voor lidkerken van de Wereldraad van Kerken, en is in gesprekken over godsbeelden onderwerp van taalkundige discussie.

Bronkoppeling: De Stanford Encyclopedia of Philosophy documenteert de ontwikkeling van trinitarische terminologie en de conciliaire controverses van 325–381. De NBV21-bron toont de nieuwtestamentische drieslag, zonder die latere leerformule al letterlijk in de tekst te leggen.

Bronnen bij deze uitleg

Bronnen geraadpleegd op 20 september 2026. De Nederlandse samenvatting en afbakening zijn redactioneel geformuleerd.

Gerelateerde begrippen

  • Heilige Geest — Gods Geest, in de christelijke belijdenis één met Vader en Zoon.
  • Christus — Titel voor Jezus die ‘gezalfde’ betekent.
  • Belijdenis — Een openbare verwoording van geloof; ook een vaste geloofstekst.
  • Doop — Een christelijke initiatieritus met water.