Begrip uitgelegd
Jezus
Kort gezegd: Joodse leraar uit de eerste eeuw en centrale persoon van het christendom.
Betekenis
Christenen belijden Jezus van Nazaret als Messias en Zoon van God. Zijn optreden, kruisiging en opstanding staan centraal in het Nieuwe Testament.
Herkomst van het woord
Jezus is de Nederlandse vorm van Grieks Iēsous, dat Hebreeuws Jesjoea weergeeft: een verkorte vorm van Jehosjoea, ‘de HEER redt’. Christus is geen achternaam maar de Griekse titel voor ‘gezalfde’, overeenkomstig Messias.
Bijbelse en historische context
Jezus was een Joodse leraar uit Galilea in de eerste eeuw, actief onder Romeins bestuur en gekruisigd onder Pontius Pilatus. De vroegste bronnen zijn Paulus’ brieven en de evangeliën; zij zijn geloofsgetuigenissen én historische bronnen die kritisch worden gelezen.
Context en verschillen
Historische studie en geloofsbelijdenis stellen verschillende soorten vragen en moeten zorgvuldig worden onderscheiden.
Historisch onderzoek vraagt wat waarschijnlijk over Jezus’ optreden kan worden vastgesteld; christologie vraagt hoe zijn betekenis wordt beleden. Nicea en Chalcedon formuleerden hem als waarachtig God en waarachtig mens. Andere religies en niet-gelovigen plaatsen hem anders.
Veelvoorkomend misverstand
Jezus kan niet los van het jodendom als stichter van een volledig nieuwe, ‘christelijke’ cultuur worden voorgesteld. Zijn Schrift, feesten, gebed en discussies waren Joods. Anti-Joodse contrasten tussen een liefdevolle Jezus en een wettisch jodendom zijn historisch onhoudbaar.
Zorgvuldig gebruik
Onderscheid uitspraken van de historische Jezus, de literaire stem van een evangelie en latere leer. Vermijd moderne portretten als vanzelfsprekend feit. Noteer bij religieuze vergelijking of je een christelijke belijdenis of historische analyse weergeeft. Marcus 1 introduceert Jezus binnen de Joodse wereld van Schrift, doop, synagoge en verwachting van Gods koninkrijk. Gebruik dat kader voordat latere categorieën op ieder vers worden teruggelezen. De vier evangeliën delen veel materiaal maar rangschikken en formuleren het met eigen accenten; citeer daarom het betreffende evangelie. Historisch onderzoek kan bronnen, context en waarschijnlijkheid bespreken, terwijl uitspraken over goddelijkheid geloofsbelijdenis blijven. Vermijd raciale stereotypen in beeldkeuze: een eerste-eeuwse Jood uit Galilea kan niet verantwoord als vanzelfsprekend Noord-Europees worden voorgesteld. Maak ook onderscheid tussen Jezus, Christus als titel en moderne groepen die zijn naam claimen.
Bronnen geraadpleegd op 20 september 2026. De Nederlandse samenvatting en afbakening zijn redactioneel geformuleerd.
Gerelateerde begrippen
- Christus — Titel voor Jezus die ‘gezalfde’ betekent.
- Messias — ‘Gezalfde’; titel voor een door God aangewezen figuur.
- Evangelie — Goed nieuws; ook de naam voor de vier Bijbelboeken over Jezus.
- Kruisiging — Romeinse executiewijze waarmee Jezus ter dood werd gebracht.